aluin


aluin 1.0

kleurloos tot wit mineraal zout dat bestaat uit aluminiumsulfaat en kaliumsulfaat en dat vroeger vaak werd gebruikt als bloedstelpend middel, bv. bij het scheren

Semagram


Aluin…

is een zout; is een stof

  • [Kleur] is kleurloos tot wit
  • [Smaak] smaakt vies
  • [Vorm] heeft een kristalachtige vorm
  • [Samenstelling] bestaat uit aluminiumsulfaat en kaliumsulfaat
  • [Functie] werd vroeger in het dagelijks leven gebruikt als bloedstelpend middel, bv. bij het scheren; heeft ook industriële toepassingen, bv. als ingrediënt bij papierbereiding, in de leerlooierij, als fixeermiddel van kleurstoffen in de textielververij, en als antitranspiratiemiddel in deodorants
  • [Werking of functionering] werkt samentrekkend, bloedstelpend, ontsmettend

Groepbehoort tot de dubbelzouten

Algemene voorbeelden


Iets te secuur probeerde ik de haartjes tussen neusvleugel en bovenlip met mijn mesje weg te schrapen, en liep een snee in de neusvleugel op, een flinke jaap. Koud water, aluin... het bleef bloeden. Net voordat de bel ging: het bloeden gestremd.

Engelenplaque, A.F.Th. van der Heijden,

Combinatiemogelijkheden


met substantief ervoor


  • een brok aluin
  • een stuk aluin

Steeds vaker sneed ik met een glasscherf of de zijkant van een kroontjespen in mijn lip, zodat ik de klas mocht verlaten om het bloed weg te wassen. Steeds diepere kerven sneed ik, zodat ik verlof kreeg naar de dokter te gaan, want het bloed stroomde over mijn kin. Eenmaal buiten hield ik het brok aluin op mijn lip en floot al snel een vrolijk lied. Ik wilde weg. Ik wilde werken!

De Hunnen. Dl, 3: Vrede, Jan Cremer,

Woordfamilie


Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen


  • aluinaarde
  • aluinsteen