blij


blij 1.0

in opgewekte stemming verkerend; vrolijk; opgewekt; ook: enigszins uitgelaten

Combinatiemogelijkheden


met substantief


  • een blij kind

Op een kermis horen blije kinderen, tieners en volwassenen te lopen die genieten van een oliebol, een ritje in de draaimolen of een spectaculaire bungeejump.

http://home.uni-one.nl/nlun2830/nieuwspage.html

  • een beetje blij

'Maria, ben je zwanger of niet? Zeg iets.' Werner zag het hoofd van zijn vrouw bewegen. Ze knikte. Hij probeerde zijn hand op haar schouder te leggen. Met een nurkse beweging schudde ze hem van zich af. 'Ik ben heel blij. Ben jij niet een beetje blij?'

Poes poes poes, Paul Mennes,

met werkwoord


  • blij kijken
  • blij lachen
  • blij worden
  • blij zijn
  • zich blij voelen
  • iemand blij maken
  • iemand blij stemmen

Ik trof haar vaak stil in haar bed aan. Ze keek blij als ik kwam, en was altijd teleurgesteld als ik weer vertrok, zelfs als ik af en toe moeite had om gespreksstof te vinden.

In liefdesnaam, Adriaan van der Veen,

Suzanne lachte blij en opgewekt.

Een hete ijssalon, Heere Heeresma,

Ik zei hem de waarheid; dat ik thuis was gekomen, omdat we een kind zouden krijgen. Hij werd blij en zijn blijdschap was echt.

Anna, Hanna en Johanna, Marianne Fredriksson,

Als zij, ondanks de speciale band met hun kinderen, geen aandacht schenken aan de wezenlijke zaken zoals de gevoelens van de kinderen [...]; als ze zich er niet zorgen om maken of de kinderen boos of blij zijn; als ze geen echte belangstelling tonen voor de bijzondere trekken van hun kinderen, dan ziet het ernaar uit dat ze de mogelijkheden die het gezin biedt niet goed benutten, en dat ze hun voordeel niet doen met de eigenschappen van het gezin als natuurlijke leefeenheid.

http://www.josko.nl/lariks/ouders/doelgericht.html

We voelen ons blij of verdrietig, angstig of boos; zonder dat we ons daarbij bewust herinneren wat de eigenlijke oorzaak is.

http://www.dsv.nl/~ham/

Het luisteren naar muziek kan een belevenis zijn. Het kan je in vervoering brengen, het kan je blij maken of juist bedroefd.

http://www.audio.nl/beleving.html

Het stemde hem blij, echt blij: hun zoon, tien jaar, en reeds in staat om de werkelijkheid te onderkennen!

Blanco, Peter Terrin,

met bijwoord


  • erg blij
  • heel erg blij
  • niet blij

Dat er bij de bevrijding van de Wijk direct sprake was van een grote opwinding en groot feest, kon volgens Jentje van de Belt bepaald niet worden gezegd. 'De mensen kwamen de huizen natuurlijk wel uit, maar de Canadezen waarschuwden ons dat ze zich nog weer zouden terugtrekken, dus bleven we voorzichtig. Wel zagen we de jeugd dansen op het schoolplein, maar niemand deed erg uitbundig. We waren erg blij, maar toch ook bang.'

Meppeler Courant,

Sebastiaan zegt: 'In die taal bestaat er een woord, li sula, dat betekent: delight of eye, "verrukking van het oog".' 'Verrukking?' zegt Lisa. 'Dat je ergens heel erg blij van wordt,' zegt Sophie.

Lisa's adem, Karel Glastra van Loon,

'Hoe voelde je je?' 'Opgewonden, niet blij, dat niet, maar wel met een gevoel van verwachting.'

Het samenzijn, Jan Meyers,

met voorzetselgroep


  • blij worden van

Het was prettig om in haar nabijheid te zijn: je werd er blij van.

Het samenzijn, Jan Meyers,

met tegenwoordig deelwoord


  • blij lachend

Ik wikkel plechtig het pakje open, laat Denises moeder blij lachend ruiken, houd dan tengere geparfumeerde vruchtjes onder de kleine neus van Denise, zodat de kneukel van mijn rechter wijsvinger tegen haar wang rust.

Verbannen in het vaderland, Karel Jonckheere,

met ander, nevengeschikt adjectief


  • blij of verdrietig
  • blij of verdrietig, angstig of boos
  • bang, blij, verdrietig, kwaad
  • vrolijk en blij

Aan het geblaf van de beesten kan je opmaken of ze blij of verdrietig zijn.

http://www.tiscali.nl/content/article/bzr/597143.htm,

We voelen ons blij of verdrietig, angstig of boos; zonder dat we ons daarbij bewust herinneren wat de eigenlijke oorzaak is.

http://www.dsv.nl/~ham/

Op school is er plaats voor gevoelens: kinderen mogen bang, blij, verdrietig, kwaad zijn.

http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=artperrub=39

Van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat krioelde het van de mensen. Vooruitkomen was bijna niet mogelijk. Iedereen schuifelde, voetje voor voetje, vrolijk en blij.

NRC,

Vaste verbindingen


blij van zin


  1. blijmoedig gestemd

    Schrijver en columnist Remco Campert: "Voor mezelf was 1996 in bepaalde opzichten een geslaagd jaar, maar buiten die paar persoonlijke tevredenheidjes hield het jaar niet echt over. Om het nu blij van zin en verwachtingsvol in te ruilen voor 1997 is er echter ook niet veel reden."

    De Standaard,

niet blij worden van; bepaald niet blij worden van; echt niet blij worden van; niet om blij van te worden


  1. niet opgetogen zijn over iets

    Synoniem: niet vrolijk worden van iets; [bepaald, echt] niet vrolijk worden van iets; niet echt vrolijk worden van iets

    Heb je, zoals zoveel professionals, ook van die vergaderingen waar je bepaald niet blij van wordt en waarvan je je afvraagt wat het nut ervan is?

    http://thinkproductive.nl/blog/2014/07/24/vergaderen-als-een-ninja/

    Ik zie wel eens bedragen van 40.000 tot 50.000 gulden aan betalingskosten voorbijkomen. Daar word je als ondernemer echt niet blij van.

    De Limburger,

    Een aantal gelukkigen konden de nacht doorbrengen in een boxschool. Gemakshalve lieten we de luchtbedden in de tas en gingen in de boxring liggen. Helaas waren er meer met dit goede idee. De warmte en de stank was niet om blij van te worden.

    http://studentensvj.fcj.hvu.nl/1143775/sites/introweek.htm

Woordfamilie


Als deel van een afleiding


  • superblij

Als deel van een afleiding


Als rechterlid in samenstellingen en samenkoppelingen


Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen


  • blijgemoed
  • blijgezind

Als deel van een samenstellende afleiding


blij 2.0

geneigd tot blijheid of vaak in opgewekte stemming; van nature vrolijk; vrolijk van aard

Combinatiemogelijkheden


met substantief


  • een blij kind
  • een blij mens

Sarah is een blij kind, een levensgenieter.

http://www.dma.be/p/hivnet/aids_gezin.html

Hij lachte altijd. Hij zong altijd. 't Was zo'n blij kind.

NRC,

Een blij mens, die geen directe kritiek op collega's levert.

http://www.tilburg.nl/index_domein.asp?DOMEINID=29

Woordfamilie


Als deel van een afleiding


Als rechterlid in samenstellingen en samenkoppelingen


  • levensblij

Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen


  • blijgemoed
  • blijgezind

Als deel van een samenstellende afleiding


blij 3.0

tevreden met iets of iemand; verheugd over iets of iemand; content; tevreden; verheugd

Combinatiemogelijkheden


met substantief


  • een blij gevoel
  • een blij mens

En dat je weet: de wereld was er al en zal er altijd zijn. Je bent erbij, maar nodig niet. De dood verandert niets. Niet wrang, niet boos, niet triest, een blij gevoel van misbaarheid.

NRC,

Het vooruitzicht dat het personeel unaniem 'ja' zei tegen het voorstel om Holweg voor te stellen als nieuwe gemeentesecrestaris heeft van de wethouder een blij mens gemaakt.

Meppeler Courant,

met werkwoord


  • blij mogen zijn
  • blij wezen
  • blij zijn
  • blij zijn als
  • blij zijn dat
  • zich blij voelen
  • iemand blij maken
  • iemand blij stemmen

Papa is altijd blij als hij me ziet.

Donderdagmiddag. Halfvier, Kristien Hemmerechts,

Wie in het weekeinde buitenshuis wil eten, mag blij zijn als er nog een plaatsje vrij is.

http://www.hollandsepot.dordt.nl/artikelen/artikelen.htm

We mogen blij zijn dat hij eerst bij ons komt.

Het Bureau. Dl. 6: Afgang, J.J. Voskuil,

Wees blij dat we vijftig jaar bevrijding mogen vieren.

Meppeler Courant,

Ik ben blij dat er begrip is voor mijn keuze.

Meppeler Courant,

Hij voelt zich blij dat hij van de zon nieuwe lichaams- en levenskracht gaat ontvangen.

http://user.online.be/yoga/kerstmis.html

Na afloop werden de kinderen blij gemaakt met een boek, een sinaasappel en een kerstkrans.

Meppeler Courant,

Het stemde haar blij dat Romme gretig at.

Verborgen schade, Aster Berkhof,

met bijwoord


  • al blij
  • allang blij
  • allesbehalve blij
  • bijzonder blij
  • echt blij
  • enorm blij
  • erg blij
  • heel blij
  • hoe blij
  • juist blij
  • kinderlijk blij
  • niet blij
  • ontzettend blij
  • oprecht blij
  • reuze blij
  • toch blij
  • verdomd blij
  • verschrikkelijk blij
  • wel blij
  • zeer blij

((vooral) in Nederland)
  • hartstikke blij

Ik was al blij als er thuis niet gebruld werd.

Verdwaalde post, Walter van den Broeck,

Hij viste een briefje van honderd op, wilde dat zijn broer overhandigen. Die wilde het niet accepteren. Hij had het geld wel voorgeschoten, maar hoefde het niet terug te hebben. Hij was allang blij dat zijn broer wat geld bezat.

Engelen van het duister, Jan Siebelink,

De frater liet hem gegeneerd binnen in zijn kamer, die naar peuken en urine stonk, en leek allesbehalve blij om hem te zien.

Zij kwamen uit het Oosten, Chris De Stoop,

De parochie is bijzonder blij dat de jeugd zo'n twee keer per maand de viering mede verzorgt.

Meppeler Courant,

Waar ik echt blij mee ben is de openheid. Ik vind bijvoorbeeld ook dat een begrafenisondernemer gewoon met zijn tarieven moet kunnen adverteren.

http://www.xs4all.nl/~dood/index.html

Kinderen zijn enorm blij met een mama en papa die tijd voor hen hebben, die met hen spelen, ravotten, tv-kijken, helpen bij hun huiswerk, uitstappen maken en ga zo maar door.

De Standaard,

Ik ben erg blij dat je er bent.

Alle verhalen, Kristien Hemmerechts,

Wij zijn heel blij dat dit onderzoek komt.

http://www.raad.delft.nl/raad/agenda/1995/199512_1_hc.html,

Je moest eens weten hoe blij ik was, toen ik je naam in het telefoonboek vond.

Het samenzijn, Jan Meyers,

Omdat ik niets kon zeggen over de dingen die op mijn tong brandden, gedroeg ik me afstandelijk. Hij maakte daaruit op dat ik zijn aanwezigheid niet waardeerde. 'Maar ik ben juist blij als jij er bent,' zei ik, en ik meende het.

Alle verhalen, Kristien Hemmerechts,

Hij had hard gewerkt om zich vrij te kunnen maken en was kinderlijk blij dat hij nu met vakantie ging.

Een broer in Brazilië, Beb Vuyk,

Hij was niet blij om mij te zien.

Blauwbaard, Pauline Slot,

Zij zijn ontzettend blij dat hun kinderwens eindelijk vervuld is.

http://www.freya.nl/

We zijn oprecht blij dat je er weer bent.

De Standaard,

Zowel de bewoners, als de leiding zijn reuze blij met de bus. Niet alleen vanwege de mogelijkheid nu de mensen voor de dagopvang te kunnen halen en brengen, maar zeker ook voor de eventuele rondritjes met bewoners bij mooi weer.

Meppeler Courant,

Ik ben toch blij dat de kinderen weer met me willen omgaan.

Zadelpijn en ander damesleed, Liza van Sambeek,

Vroeger bracht ik een fles wijn mee, en daar waren we dan verdomd blij mee!

Requiem voor een vriend, J.J. Voskuil,

Op nauwelijks negen uur rijden zouden de mensen verschrikkelijk blij zijn met dingen, die hier achteloos bij het grof vuil worden gezet.

Meppeler Courant,

Wij zijn wel blij met wat aanspraak hier in huis.

Overige bestemmingen, Frans Kellendonk,

"Ik ben zeer blij met de drie punten maar realiseer me dat we niet goed speelden en een aantal dingen drastisch moeten veranderen', verontschuldigde Gerets zich voor de rijkelijk beloonde prestatie.

De Standaard,

((vooral) in Nederland)
  • hartstikke blij

We zijn hartstikke blij met dit akkoord.

NRC,

met voorzetselgroep


  • blij met iets of iemand
  • blij om iets
  • blij voor iemand

Ik ben heel erg blij met het boek.

Meppeler Courant,

Hij is blij met haar, wat dacht ze dan?

Kriblijn, Barber van de Pol,

De opkomst was heel goed en het bestuur is blij met de inbreng van de leden.

http://home.wxs.nl/~elshout/

Sinds ze niet meer dronken, snurkte hij niet meer. Daar zou ze toch blij om moeten zijn?

Niet doen Agnes, Peter van Straaten,

Ze was blij voor Alida, maar ze was ook jaloers.

Verdwaalde post, Walter van den Broeck,

met dat-zin


Was ze blij dat hij eindelijk dood was?

De vijfde macht, Pieter Aspe,

Wij zijn blij dat de verbetering van de leefbaarheid centraal staat bij het gebiedsgericht beleid.

Meppeler Courant,

met infinitief met te


  • blij te horen
  • blij te zien

'En ik ben weer gaan schrijven, God.' 'Ik ben erg blij dat te horen, sir. Ik leef met u mee. Mensen bestaan bij de gratie van de verhalen. Mag ik uw hand vasthouden?' 'Ja, God.' Joop voelde hoe Errolls sterke vingers zich over zijn zoekende hand ontfermden.

God’s gym, Leon de Winter,

Ik ben zó blij je weer te zien.

De passievrucht, Karel Glastra van Loon,

met infinitief met om te


  • blij om te horen
  • blij om te zien

'Oh, ik ben zo blij om je even te horen,' zegt ze uit de grond van haar hart.

Westenwind, Simone Duwel,

'Ik... wij in het algemeen, zijn blij dat je terug bent... niet blij, maar blij om je weer te zien.' 'Dank u wel,' zei Viktor plechtig.

Blanco, Peter Terrin,

met ander, nevengeschikt adjectief


  • blij en opgelucht
  • blij en tevreden
  • blij en trots

In het telefoongesprek met Brandpunt vertelde S. dat zijn kinderen al tientallen jaren op de hoogte zijn van zijn ware identiteit. Hij voelde zich nu blij en opgelucht dat het allemaal was uitgekomen. "Ik wacht nu alleen nog maar op de dood", zei S.

NRC,

Wel duidelijk voor je mening uitkomen, maar luisteren naar wat anderen bedacht hebben en dan samen tot een goede oplossing komen, maakt blij en tevreden.

Meppeler Courant,

Daisy onthulde dat Toots Thielemans, de befaamde mondharmonicus, een Brussels ketje was, terwijl ik hem altijd al in de streek van Poperinge heb gesitueerd, en ik zal wel niet de enige zijn. Daisy bekende dat ze blij en trots was dat zij hem te gast had.

Dwarskijker, Rudy Vandendaele,

overig


  • blij als een kind
  • zo blij als een kind

Hij toonde me het adres achterop, blij als een kind omdat het zo waardevol voor me kon zijn.

De draden van Anansi, Arthur Japin,

Carl komt met een 'Swiffer' thuis, een gemakkelijk soort borstel met een doek erover die stof aantrekt. Ik ben zo blij als een kind. Dat hij daaraan heeft gedacht.

De bondgenoot, Marcella Baete,

Vaste verbindingen


allerminst blij zijn met iets; niet blij zijn met iets; niet echt blij zijn met iets


  1. iets niet op prijs stellen; niet opgetogen zijn over iets

    Synoniem: niet vrolijk worden van iets; [bepaald, echt] niet vrolijk worden van iets; niet echt vrolijk worden van iets

    Zeker een derde deel van de grond is thans begroeid met vele honderden metershoge hennepplanten. De bewoners zijn er allerminst blij mee.

    De Standaard,

    Het NPI reageerde geschrokken op het feit dat haar internetsite ongewenst bezoek had gehad. "Hier zijn wij niet blij mee", aldus een woordvoerder.

    De Telegraaf,

    Dinsdag 26 december 22.00 uur, NOS-Journaal: zware sneeuwbuien, kans op ijzel, iedereen die niet de weg op moet, wordt aangeraden thuis te blijven. Daar ben ik niet echt blij mee.

    Het Financieele Dagblad,

blij mogen zijn dat...


  1. zichzelf gelukkig mogen prijzen dat...

    De chef explodeerde. 'Je mag blij zijn dat ik je niet meteen ontsla. Je bent gisteren de hele dag niet op je werk verschenen. Je hebt een aantal belangrijke klanten in de kou laten staan.'

    De lift: naar het filmscenario van Dick Maas, Gerben Hellinga,

blij verrast


  1. verrast door iets waarvan men blij wordt; aangenaam verrast

    Synoniem: aangenaam verrast

    'Hier zijn twee kaartjes voor La Traviata voor aanstaande vrijdag om het goed te maken. Ik wens u een prettige avond.' Het echtpaar is blij verrast en vindt het vermakelijk.

    http://users.tijd.com/delink/,

blijde verrassing


  1. verrast door iets waarvan men blij wordt; aangename verrassing

    Synoniem: aangename verrassing

    Tot onze blijde verrassing kreeg dit boek die prijs toegekend.

    http://www.che.nl/lindeboom/,

    En ze dronk niet meer, of in elk geval veel minder, dus toonde Hetty met dat 'nou zeg' en 'dat is me ook wat' waarschijnlijk niets anders dan spontane blijde verrassing.

    Oprechter trouw, Henk Romijn Meijer,

iemand blij maken met een dode mus


  1. iemand blij maken met iets wat uiteindelijk niets voorstelt

    'Ik begrijp er dan ook niets van dat het college nu opeens met veel vertoon komt melden dat het verkeersbesluit is ingetrokken, terwijl tegelijkertijd het oorspronkelijke bouwplan ongewijzigd moet doorgaan. Een kind kan begrijpen dat de gemeenteraad hier blij gemaakt wordt met een dooie mus. Het is ja zeggen en nee doen.'

    Meppeler Courant,

wees blij; wees maar blij; je mag blij wezen


  1. prijs jezelf gelukkig

    Wees blij dat je van hem af bent.

    De dag van de jas, Nelleke Zandwijk,

    Hij had haar moeten identificeren in het mortuarium van het ziekenhuis. Het was verschrikkelijk. 'Wees maar blij dat je dat niet gezien hebt,' zei hij.

    Buiten is het maandag, J. Bernlef,

Woordfamilie


Als deel van een afleiding


  • superblij

Als deel van een afleiding


Als rechterlid in samenstellingen en samenkoppelingen


  • dolblij
  • doodblij
  • godsblij
  • reuzeblij
  • stikblij
  • zielsblij

blij 4.0

blijk gevend van blijheid of tevredenheid

Betekenisbetrekking


metonymie
Betrokken betekenissen1.0 : 4.0
Betrokken betekenissen2.0 : 4.0
Betrokken betekenissen3.0 : 4.0

Combinatiemogelijkheden


met substantief


  • een blij gemoed
  • een blij gezicht
  • een blije stemming

Ik kijk er reeds naar uit, met blij gemoed.

Koud, Geertrui Daem,

'Maar het is niet zo dat we straks met een bloedend hart afscheid zullen nemen. Nee, we gaan met een blij gezicht en opgewekt de fusie in'.

Meppeler Courant,

Lucas was onaangenaam verrast geweest. De blije stemming was in een keer omgeslagen.

Engelen van het duister, Jan Siebelink,

blij 5.0

opluchting voelend; opgelucht

Combinatiemogelijkheden


met bijwoord


  • wat blij
  • zo blij
  • maar wat blij

"Alleen mag ik niet op stap. En is er ook geen aardigheid aan." "Kop op, meid. Veertien dagen is een hele tijd. Tussendoor zal je moeder wàt blij zijn al die dingen terug te ontdekken. Het is tenslotte haar vak, is 't niet, kunstgeschiedenis?"

Congres in Salzburg, Monda De Munck,

De aanwezige familieleden van de kosmonauten [...] reageerden geëmotioneerd na de lancering. "Ik ben zo blij dat alles goed is gegaan, dat is niet voor te stellen. Ik was niet zenuwachtig, maar verschríkkelijk zenuwachtig, al weken lang", aldus de moeder van Shuttleworth opgelucht.

De Telegraaf,

Ik denk dat ze maar wat blij waren dat ze van ons af waren.

Het verrotte leven van Floortje Bloem, Yvonne Keuls,

met dat-zin


Ik ben blij dat het voorbij is.

De Standaard,

overig


  • blij zijn als

'Ik zal blij zijn als we hier weg zijn,' zei ze.

Mijn tweede huid, Erwin Mortier,

blij 6.0

wat blij maakt; gepaard gaand met blijdschap; verheugend

Betekenisbetrekking


metonymie
Betrokken betekenissen1.0 : 6.0
Betrokken betekenissen3.0 : 6.0

Combinatiemogelijkheden


met substantief


(Zie ook in blijde verwachting bij de verbindingen.)
  • een blijde gebeurtenis
  • een blije gebeurtenis
  • blije verwachting
  • blijde verwachting
  • in blijde verwachting van iets
  • een blij lied
  • een blij weerzien
  • het blijde nieuws
  • het blije nieuws

Het is eigenlijk net als bij een positieve gebeurtenis: als mensen een blijde gebeurtenis meemaken dan uiten zij hun gevoelens daaromtrent telkens weer anders.

http://www.rouw.nl/rouw/

Memories Mozaïek: Aandenken voor verdrietige of blije gebeurtenis.

http://www.deweekkrant.nl/pages.php?page=311264

En hij haastte zich, vol blije verwachting, want hij wist zeker dat het de vrouw was van de boekenclub die op zijn uitnodiging wilde ingaan!

Oprechter trouw, Henk Romijn Meijer,

Toch is de advent allereerst een tijd van blijde verwachting en hoop.

http://www.rknieuws.net/rorate/scripts/lt_index.php

We zijn nu in blijde verwachting van een oplossing.

Dagblad van het Noorden,

Hij stapte door de regen en er was een blij lied op zijn lippen.

Een hete ijssalon, Heere Heeresma,

Na een weekje rust vlakbij Shangrila Home en na een blij weerzien met de kindjes, zijn we op trekking vertrokken.

http://www.wereldvlinders.be/diary/diary-full.html

Hij belde iedereen op om hun het blijde nieuws te melden.

Alle verhalen, Kristien Hemmerechts,

Je hebt net ontdekt dat je zwanger bent, je bent zo blij dat je het gelijk aan de hele wereld wil vertellen of je houdt het juist liever nog voor jezelf. Wanneer zouden jullie het blije nieuws graag aan je familie/vrienden willen vertellen of wanneer heb je het ze verteld?

http://www.zwangerschapspagina.nl/zwangerschap/515589-blije-nieuws-vertellen.html

Vaste verbindingen


de blijde boodschap


  1. de boodschap van het evangelie

    Men wilde de ballast die de roomse kerk eeuwenlang in het christendom had opgestapeld, overboord gooien en terugkeren naar de oorspronkelijke leer van het evangelie. De Bijbel was de unieke bron van waarheid en waarden. Terug naar de blijde boodschap met haar absolute en onaantastbare principes.

    http://www.epo.be/php/pdf/90_6445_227_X.pdf,

  2. de prettige mededeling

    A. Van A. [...], Vlaams minister van Brusselse Aangelegenheden en Gelijke Kansenbeleid, verwacht de bevalling zo tegen medio juli. Ze hoopt tegen begin september al weer aan de slag te kunnen. De minister kon gisteren de blijde boodschap niet zelf toelichten.

    De Standaard,

Blijde Inkomst; blijde inkomst


  1. (Met hoofdletters indien gebruikt als naam van de historische gebeurtenis.)
    feestelijke intocht van een vorst in de belangrijkste steden van zijn gebied

    Synoniem: Blijde Intrede; blijde intrede ((vooral) in België)

    Als hoofd communicatie van de gemeente Den Bosch is Schouten nauw betrokken bij de Blijde Inkomst van prins Willem Alexander en Maxima Zorreguieta.

    de Volkskrant,

  2. Vormvariant: blijde inkomst

    feestelijke intocht in het algemeen, meestal van een aanzienlijk persoon

    Soms klom ik naar de schoolzolder waar oude afgekeurde lessenaars stonden naast ouderwets didactisch materiaal, landkaarten en metalen geraamtes van bloembogen. Lang geleden, nog net vóór de oorlog, had vader ze eigenhandig vervaardigd en ze samen met moeder versierd, ter gelegenheid van de blijde inkomst of plechtige installatie van de nieuwe pastoor.

    De lange geboorte, Lut Ureel,

  3. Vormvariant: blijde inkomst

    enthousiaste ontvangst van iets nieuws; enthousiaste ingebruikname

    Herman van Veens dichtbundel Gebonden staat, net als die van Toon Hermans, vol met smalle regeltjes zonder hoofdletters, zonder interpunctie. Ze rijmen niet. Ze zien er uit zoals na de blijde inkomst van de vijftigers alle slechte poëzie er uit is gaan zien.

    Averechts, Gerrit Komrij,

blijde intocht


  1. feestelijke intocht van een vorst of een ander aanzienlijk persoon

    In alle steden van het land wapperen achtereenvolgens de vlaggen, kletteren de paardehoeven, ratelen de karossen, puilen de tribunes uit van prominenten in burgerlijk ornaat of sinterklaaskostuums bij de blijde intochten van de hertog van Brabant en zijn jonge gade.

    Tussen tuin en wereld, Paul De Wispelaere,

    Bjarne Riis wordt vandaag in Kopenhagen gehuldigd tijdens een rondrit in de stad, zoals het Deense voetbalelftal vier jaar geleden naar aanleiding van de Europese titel te beurt viel. De autoriteiten verwachten bij de blijde intocht in de Deense hoofdstad 200.000 mensen.

    De Standaard,

Blijde Intrede; blijde intrede


  1. ((vooral) in Nederland. Met hoofdletters indien gebruikt als naam van de historische gebeurtenis.)
    feestelijke intocht van een vorst in de belangrijkste steden van zijn gebied

    Synoniem: Blijde Inkomst

    Hét pronkstuk is ongetwijfeld een huldeboekje uit 1515 met twee meerstemmige composities van Benedictus de Opitiis. Drukker Jan de Gheet gaf het uit ter gelegenheid van de Blijde Intrede op 3 februari 1515 in Antwerpen van de kleinzoon van keizer Maximiliaan van Oostenrijk, de latere Keizer Karel.

    De Standaard,

  2. Vormvariant: blijde intrede

    feestelijke intocht in het algemeen, meestal van een aanzienlijk persoon

    Palmzondag: (een week voor Pasen) Op deze dag herdenkt men de blijde intrede van Jezus in Jeruzalem, waarbij de Joden met palmtakken juichten.

    http://www.pienternet.be/ArabischeCultuur/Christendom.pdf

    Gematigde Arafat krijgt blijde intrede in Hebron [...]. De Palestijnse leider Yasser Arafat heeft gisteren een glorieuze entree in Hebron gemaakt.

    De Standaard,

  3. feestelijke ontvangst of binnenkomst; acte de présence

    Wij woonden in de Masuistraat, grondgebied Laken, en togen, nadat wij van de schrik waren bekomen, naar het Bockstaelplein. Zij was tweeëntwintig en zag er zestien uit, ik was tweeëndertig en zag er veertig uit. Ik zeg dit omdat ik wel enig begrip kon opbrengen voor de starende blikken van de ambtenaren bij onze blijde intrede.

    Werk, Josse De Pauw,

    De blijde intrede van 4 onversneden topspelers in het seizoen 1999-2000 […] zorgde ervoor dat er liefst terug 4 ploegen kampioen werden.

    http://users.skynet.be/ttcheusden/J2003/Klubinfo.htm

  4. Vormvariant: blijde intrede

    enthousiaste ontvangst van iets nieuws; enthousiaste ingebruikname

    Het duurde tot Steven, de benjamin, naar de universiteit ging, voor de televisie zijn intrede mocht maken in huize Deschryver. Het werd een blijde intrede.

    Het goddelijke monster, Tom Lanoye,

    Met de blijde intrede van de breedband werden multimedia algemeen goed en dus ook toepasselijk op de informatieve business sites.

    http://www.macromovie.com/

in blijde verwachting


  1. een kind verwachtend; in verwachting; zwanger

    Synoniem: in verwachting; zwanger

    U bent in blijde verwachting en wil meer informatie over doopsuiker?

    http://www.doopsuiker-vandenbrande.be/

Woordfamilie


Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen