hoogseizoen


hoogseizoen 1.0

(toerisme [toerisme])

periode waarin zich het grootste aantal toeristen of bezoekers naar een toeristische bestemming begeeft, meestal in de schoolvakanties, op wettelijke feestdagen of in een tijd met doorgaans de beste weersomstandigheden; drukste periode in een toeristisch seizoen

Semagram


Een hoogseizoen…

is een seizoen; is een periode; is een tijd

  • [Geheel] is een deel van een toeristisch seizoen
  • [Frequentie] komt meermaals voor in een jaar, bijvoorbeeld in de periodes van de schoolvakanties
  • [Tijd] hangt sterk af van het type toeristische bestemming maar valt meestal in de schoolvakanties, op wettelijke feestdagen of in een tijd met doorgaans de beste weersomstandigheden, voor de zomervakanties meer bepaald in de maanden juli en augustus en voor de wintersportvakanties van vlak voor kerst tot halverwege maart
  • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] wordt gekenmerkt door een grote toeloop van toeristen of bezoekers en een grote bedrijvigheid in de horecasector
  • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] is de duurste toeristische periode

Hoofdsemagram: seizoen


Algemene voorbeelden


Voor- en naseizoen waren goed, het hoogseizoen en vooral augustus hinkte achterop tegenover 1995.

De Standaard,

De horeca-actie is het tweede initiatief in het kader van de werkgeverscampagne die in januari begon met een bezoek aan alle ondernemers in de bouw. Met opzet is gekozen om verder te gaan met de horeca, omdat in deze maanden de personeelswerving voor het hoogseizoen begint.

Meppeler Courant,

Combinatiemogelijkheden


met koppelwerkwoord


  • het is hoogseizoen
  • het was hoogseizoen

Een staking zou tevens een zware klap zijn voor de toeristenindustrie in het Caraïbisch gebied, waar het nu hoogseizoen is.

De Standaard,

Het was hoogseizoen en omdat ze veel te lang hadden gewacht met het boeken van een hotel, hadden ze uiteindelijk genoegen moeten nemen met een kamer in de Casola d'Elsa.

Het wonder, Frederick Forsyth,

in voorzetselgroep


  • buiten het hoogseizoen

Ten opzichte van de korte vakanties bevindt Drenthe zich op de achtste plaats met zes procent. Het provinciaal bestuur constateert dat deze vakanties buiten het hoogseizoen sinds 1991 een sterke groei vertonen.

Meppeler Courant,

Voor vakanties en verlofdagen buiten het hoogseizoen, aantrekkelijk wegens gereduceerde tarieven, kan dus niet zomaar verlof worden gegeven, ook niet 'zijdelings' of onofficieel.

http://www.odaschool.nl/schoolgids.html

  • in het hoogseizoen
  • tijdens het hoogseizoen

Zo is een wintersport of een vakantie in het hoogseizoen een stuk duurder dan het voorseizoen en naseizoen.

http://vakantie-boeken.leerwiki.nl/,

Vroeger was het het centrum van de doge, nu een van de grootste trekpleisters van de toeristen. In het hoogseizoen kan je er dan ook op de koppen lopen.

http://studwww.ugent.be/~cvdevyve/bezienswaardigheden.html

De meeste hutten hebben een huttenwaard. De waard beheert de hut en zorgt voor de maaltijden. Kleine hutten, met name in Scandinavië, hebben geen huttenwaard. Daar moeten trekkers voor zichzelf zorgen [...]. In andere hutten is alleen in het hoogseizoen een waard aanwezig en zijn ze verder gesloten.

http://www.tweevoeter.nl/bergwandelen/

Ook openstelling van het museum in het hoogseizoen op zondagen zal worden onderzocht.

Meppeler Courant,

Het lijkt erop dat kampeerders volgend jaar niet terecht kunnen in Maastricht. Midden in het hoogseizoen (juli, augustus, september) wordt de camping verplaatst.

De Limburger,

Weet dat er tijdens het hoogseizoen (= schoolvakanties) geen wonderen bestaan. Hiermee bedoelen we dat de prijs de beste indicator is voor de kwaliteit van je verblijf en je reis. Een viersterrenhotel dat in die periode 4.000 Bef goedkoper is dan een ander viersterrenhotel in dezelfde regio, heeft vast en zeker minder te bieden.

http://www.9maand.com/

Behalve tijdens het hoogseizoen in toeristengebieden, hoeft u zich in de VS nauwelijks druk te maken over onderdak.

http://www.amerika.nl/reizen/html/infomap/onderdak/motels.htm

hoogseizoen 2.0

jaarlijks terugkerende periode waarin de grootste bedrijvigheid plaatsvindt van zekere activiteit of bezigheid

Semagram


Een hoogseizoen…

is een seizoen; is een periode; is een tijd

  • [Frequentie] keert jaarlijks terug
  • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] wordt gekenmerkt door een grote bedrijvigheid of een veelheid aan evenementen op het genoemde vlak

    Hoofdsemagram: seizoen


    Algemene voorbeelden


    De consulenten krijgen op topdagen zo'n driehonderd mensen die een beroep doen op de 'basisdienstverlening': inschrijven, vacatures bespreken. Hoogseizoen is het vooral in mei als de schoolverlaters zich op de markt storten.

    NRC,

    Combinatiemogelijkheden


    met voorzetselgroep


    Voorzetsel: van

    • het hoogseizoen van de ballonvaart
    • het hoogseizoen van de mode

    Het hoogseizoen van de mode is weer begonnen. New York, Londen, Milaan en Parijs zijn de komende weken één gigantisch podium voor de lente- en zomertrends van 2010.

    http://www.standaard.be/cnt/dmf20090917_014,

    Het hoogseizoen van de ballonvaart valt tussen Pasen en eind oktober. Men vaart enkel bij rustig weer en men vertrekt kort voor zonsondergang of kort na zonsopgang.

    http://www.kelchterhoef.be/Aerodroom.htm

    in voorzetselgroep


    • in het hoogseizoen

    Het is eigenlijk onverstelbaar wat de duiven van duivenmelker Henk Winters [...] het afgelopen seizoen hebben gepresteerd. De gevleugelde vrienden van de Kloostiger behaalden binnen een jaar tijd maar liefst 35 kampioenschappen [...]. Het geheim van het succes schuilt volgens Winters onder meer in een goede verzorging. In het hoogseizoen is Henk daar zo'n dertig uur per week mee bezig.

    Meppeler Courant,