kantoorbediende


kantoorbediende 1.0

bediende die werkt op een kantoor, veelal belast met administratief werk

Semagram


Een kantoorbediende…

is een bediende; is een persoon

  • [Plaats] werkt op een kantoor
  • [Activiteit of handeling] verricht vooral administratief werk
  • [Belanghebbende of begunstigde] werkt voor een bedrijf of instelling

    Algemene voorbeelden


    De kantoorbediende die niet fluitend door de burelen holt: hij kan promotie wel vergeten.

    NRC,

    Ribbeldijen, zo heet een nieuwe beroepsziekte waaraan steeds meer jonge, vrouwelijke kantoorbedienden lijden [...]. Lipoatrophia semicircularis heet de aandoening in dokterslatijn [...]. Op de bovenbenen van patiënten prijken langwerpige deuken [...]. Onder de indeuking blijkt het vetweefsel verdwenen te zijn. De beroepsziekte komt vooral voor bij personeel dat zittend werk verricht, en vaker bij vrouwen dan bij mannen.

    De Standaard,

    Volgens de woordvoerster van de bank werd over de gevraagde flexibiliteit van de kantoorbedienden een akkoord bereikt in de kollektieve arbeidsovereenkomst.

    De Standaard,