lanterfanter


lanterfanter 1.0

iemand die zijn tijd doorbrengt zonder iets degelijks uit te voeren; flierefluiter; lanterfant; leegloper

Semagram


Een lanterfanter…

is een persoon

  • [Activiteit of handeling] voert weinig uit

    Algemene voorbeelden


    'Ik heb hem gevraagd of taxibestuurder zijn vaste beroep was. Hij nam het er "tussendoor" bij, zei hij, al naargelang het hem uitkwam. Wat hij beroepshalve dan wel deed, daar ben ik niet achter gekomen.' 'Niets. Lanterfanter. Het verdriet van zijn moeder, die door zijn vader de hand boven het lege hoofd gehouden wordt.'

    In liefdes naam, Greta Seghers,

    Ik was in die tijd zo'n lanterfanter dat ik uitgerekend tegen mijn vader, die elke ochtend nota bene om zes uur naast zijn bed moest staan, vertelde dat ik gedroomd had dat ik misschien van plan was iets te gaan doen.

    NRC,

    De middag bracht ik door met het doorwerken van de sollicitatiemap die ik in Onno's lade had gevonden. Voor een deel was zij gevuld met brieven van mannen die naaktfoto's hadden meegestuurd, maar verder waren het open sollicitaties naar alle mogelijke functies. Dat de gemiddelde werkloze een lanterfanter zou zijn, was bij de blootbladen niet te merken.

    Nette mensen in een nieuwe tijd, Hans van der Kamp,

    Woordfamilie


    Als deel van een afleiding


    • lanterfanteren