massatoerist


massatoerist 1.0

iemand die ter recreatie of ontspanning afreist naar een plaats waar met hem grote aantallen andere toeristen naartoe gaan; iemand die massatoerisme bedrijft

Semagram


Een massatoerist…

is een toerist; is een persoon

  • [Toepassingsgebied of bereik] betreft het afreizen naar een plaats of gebied waar grote aantallen andere toeristen naartoe gaan

    Hoofdsemagram: toerist


    Algemene voorbeelden


    Er bestaat een groot misverstand over Florida. Met name dat het niet meer is dan een bestemming voor de massatoerist die onder een palmboom op zijn krent wil zitten en vermaak zoekt in kitscherige pretparken.

    De Standaard,

    Er werd inderdaad politioneel aangebeld en Serena vernam van de agent dat de dormobiel slechts vierentwintig uur op dezelfde plaats mocht geparkeerd staan, nooit boven de putjes van de rioleringen of de kranen van de waterleiding, dat het trouwens geen pas gaf, zo'n arrogant ding van de massatoerist in de standingvolle Goedegodstraat, en dat er nauwlettend zou worden toegezien of deze voorschriften in acht werden genomen.

    Pagadders, Leo Geerts,

    Woodstock in Pracha door Piet Pierewiet [...]. Terwijl de beklagenswaardige massatoerist in lange files naar de vervuilde stranden van de Costa Brava sukkelt, dendert uw correspondent in een doubledeck-bus naar het rustig dommelende Pracha.

    Pagadders, Leo Geerts,

    Woordfamilie


    Als deel van een afleiding


    • massatoeriste

    Overige woordfamilieleden