puit


puit 1.0

((vooral) in België)

amfibie met krachtige achterpoten en een compact lichaam zonder nek of staart en met doorgaans een gladde huid; kikker

Semagram


Een puit…

is een amfibie; is een dier

      Hoofdsemagram: kikker


      Algemene voorbeelden


      Ze bliezen puiten op met een rietje, eentje was er zelfs die voor één frank een levende pier opvrat, een ander scheerde zich kaal voor een weddenschap van twintig frank.

      Het blije lijden, Alex Rosseels,

      Er waren bossen en moerassen en opgespoten zandvlakten (drijfzand!), er was een strand bij 't Scheld, er waren dikkopkes te vangen, en puiten.

      Het blije lijden, Alex Rosseels,

      Vaste verbindingen


      een koude puit


      1. iemand die het gauw koud heeft; koukleum

        Synoniem: koukleum

        Hannelore was een 'koude puit'. Vanavond zou ze zich tegen hem aanschurken en haar benen om de zijne slaan.

        Pandora, Pieter Aspe,

      de puit in de keel krijgen


      1. Vormvariant: de baard in de keel krijgen

        (Gezegd van jongens in de puberteit)
        een zware stem krijgen

        Voor de geplande koorreis naar het Zwitserse Nax hadden ze een nummer 'Druivenoogst' ingeoefend en daar zochten ze nog een kleine spruit voor. Ik trok mijn stoute schoenen aan, zegt Patrik, en ik kreeg de rol én ik mocht mee naar Zwitserland. Na de reis vond ik een plaatsje bij de alten en ik heb gezongen tot ik de puit in de keel kreeg.

        http://www.mensenvanbijons.be/inhoud/Patrik%20Dauwe.html

      een puit in de keel hebben


      1. Vormvariant: een kikker in de keel hebben

        iets in de keel hebben of voelen waardoor de stem het laat afweten of schor of vervormd klinkt

        Waarom ik wil stoppen met roken: - omdat ik de laatste tijd veel hoest; - omdat ik dikwijls een puit in de keel heb.

        http://crolien.stoprokenblog.nl/stop-roken-motivaties/

      zo bloot als een puit


      1. helemaal bloot; spiernaakt; poedelnaakt

        Synoniem: moedernaakt; poedelnaakt; spiernaakt

        Dan ga ik maar binnen, denk ik, zijn deur is nooit op slot en ik ben hier thuis. Zo gezegd, zo gedaan. Ik roep een paar keer en hij roept terug. Bon, ik wacht eventjes. En opeens komt hij daar uit zijn keuken. Zo bloot als een puit, zeg! Hij was net onder de douche geweest, stond zich nog af te drogen. Was me dat schrikken!

        Gras, Clem Schouwenaars,

      Woordfamilie


      Als deel van een afleiding


      • puitje

      Als rechterlid in samenstellingen en samenkoppelingen


      • puitenogen
      • puitshoofd

      Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen


      • schrikkepuit