regenseizoen


regenseizoen 1.0

jaarlijks terugkerende periode waarin het meeste neerslag valt in een gebied

Semagram


Een regenseizoen…

is een seizoen; is een periode; is een tijd

  • [Plaats] doet zich voor in een bepaald gebied
  • [Frequentie] keert jaarlijks terug
  • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] wordt gekenmerkt doordat dan het meeste neerslag valt

    Hoofdsemagram: seizoen


    Algemene voorbeelden


    Hoewel klein in omvang heeft Israël gevarieerde topografische kenmerken en klimaten van een contingent [...]. Het klimaat wordt gekenmerkt door veel zonneschijn, met een regenseizoen tussen november en april. De totale neerslag varieert van tussen de 50-70 centimeter per jaar in het noorden tot 2,5 centimeter per jaar in het zuiden.

    http://wetenschap.infonu.nl/natuurverschijnselen/12875-israel-in-vogelvlucht-fysische-geografie-van-het-land.html,

    Doordat het land zo groot is kent Mexico ook diverse klimaten [...]. Bijna overal in Mexico is de winter het droge seizoen en de zomer het regenseizoen. Uitzondering hierop zijn twee gebieden waar het hele jaar door regen valt: de kust van Chiapas en de hellingen van Tampico en Tabasco [...]. Regenseizoen betekent echter niet dat het de hele dag regent. Echter er is een grote kans dat er dagelijks een fikse bui valt.

    http://www.allesovermexico.nl/algemeen/klimaat-en-weer

    Suriname kent vier seizoenen. In tegenstelling tot Nederland is er hier geen sprake van lente, zomer, herfst of winter maar van een tweetal regenseizoenen en twee droge seizoenen: 1) begin december tot eind januari is de kleine regentijd; 2) eind januari tot eind april is de kleine droge tijd; 3) eind april tot half augustus is de grote regentijd; 4) half augustus tot begin december is de grote droge tijd.

    http://www.klimaatinfo.nl/suriname/

    regenseizoen 2.0

    jaarlijks terugkerende periode van de zomermoesson waarin vochtige zeelucht en daardoor overvloedige regen wordt aangevoerd; periode van de natte moesson

    Semagram


    Een regenseizoen…

    is een seizoen; is een periode; is een tijd

    • [Plaats] doet zich voor onder meer in het gebied van de Indische oceaan (Indische subcontinent en Zuid-Azië), de aangrenzende delen van Australië en Afrika en delen van Midden-Amerika
    • [Duur] heeft de duur van ongeveer een halfjaar
    • [Tijd] valt in de zomer
    • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] wordt gekenmerkt door overvloedige regen

    Hoofdsemagram: seizoen


    Algemene voorbeelden


    De beste periode om Thailand te bezoeken is tussen november en februari. De zomer (juni-oktober) is de moessontijd. Aangename kant aan dat regenseizoen is dan wel dat de fikse bui voor afkoeling zorgt voor dagtemperaturen die tot 33° in de schaduw oplopen.

    De Standaard,

    Costa Rica kent evenals andere (sub)tropische bestemmingen geen zomer en winter maar een natte en droge moesson [...]. Het regenseizoen duurt in Costa Rica van mei tot en met november.

    http://www.tmreizen.nl/costa_rica/reisinfo.htm,