smeerlap


smeerlap 1.0

(informeel, beledigend)

iemand die smerige, gemene, vaak slinkse of bedrieglijke dingen doet of zegt ten nadele van anderen; iemand wiens aard het is om smerige, gemene, vaak slinkse of bedrieglijke dingen te doen of te zeggen ten nadele van anderen

Semagram


Een smeerlap…

is een persoon

  • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] is onbetrouwbaar; heeft vaak een gemeen karakter
  • [Geslacht] is meestal een man; is meestal van het mannelijke geslacht
  • [Activiteit of handeling] doet gemene, smerige, vaak slinkse of bedrieglijke dingen ten nadele van anderen
  • [Waardering] wordt beschouwd als een vijandig, onbetrouwbaar iemand

Algemene voorbeelden


Roukens wordt door deze smerige kuddedieren, deze fieltige heksenjagers en doctrinairen voor antisemiet (!!!) gehouden, en als zodanig nu ook in Vrij Nederland aan de kaak gesteld. Dit gaat werkelijk alle perken te buiten, deze socialistische smeerlappen. Ieder behoorlijk mens, ook Poll, voelt met zijn klomp dat bij Roukens van antisemitisme werkelijk geen sprake is.

Requiem voor een vriend, J.J. Voskuil,

Ik pleit niet voor wetteloosheid, maar ik vind niet meer dat een mens vernietigd moet worden als hij een reglement overtreden heeft. De fout die hij beging maakt geen smeerlap van hem.

Verborgen schade, Astor Berkhof,

'Die antiquair is een oplichter!' viel de man uit. Zijn snor trilde. 'Daar heb je minstens twee gloednieuwe kinderbedjes voor. En als we morgen komen kijken heeft hij er misschien wel een één voor gezet. Of een nul erachter!' 'Zo zijn antiquairs', zei ik. De man begon te schelden. Dat ik een kleine smeerlap was en mijn baas een grote. Dat hij mocht lijden dat al die ouwe rommel hier, al die wormstekige meubels van ons, op een keer in de fik vlogen.

Bas, Annie van Keymeulen,

Woordfamilie


Als deel van een afleiding


  • smeerlapje
  • smeerlapperij

smeerlap 1.1

(informeel, beledigend)

iemand die zich op seksueel gebied gedraagt op een manier die voor smerig worden gehouden, bv. door overmatige appetijt, door een voorkeur voor handelingen die niet algemeen gebruikelijk zijn, door ontrouw of door vrouwen ongewenst lastig te vallen; iemand die zich seksueel misdraagt

Betekenisbetrekking


specialisering
Betrokken betekenissen1.0 : 1.1

Semagram


Een smeerlap…

is een persoon

      Algemene voorbeelden


      En ook begreep ik niet dat iemand een leven lang braaf en zedig en gelovig kon leven, dan één keer zondigen, bijvoorbeeld door naar de hoeren te gaan, want geen zonde was zondiger en aanlokkelijker en schitterender, en toch naar de hel moest als hij bij toeval op weg naar huis werd platgereden en dus niet meer kon biechten, terwijl een smeerlap die op een zwak moment berouw kreeg en te biechten ging, linea recta naar de hemel vloog als hij op zijn beurt op weg naar huis door een auto overhoop werd gereden.

      Vliegen in een spinnenweb, Fernand Auwera,

      Massa's meisjes van haar leeftijd 'raakten in de nesten' en er waren hordes smeerlappen die als haaien kringetjes draaiden om iedere willekeurige onbewaakte vrouw op te pikken voor libidineuze activiteiten in een opgevoerde auto of pickup.

      Cherry, Mary Karr,

      Had die smeerlap aan haar borsten gezeten?

      Engelen van het duister, Jan Siebelink,

      Combinatiemogelijkheden


      met adjectief ervoor


      • een gore smeerlap
      • een vieze smeerlap
      • een vuile smeerlap
      • gore smeerlap!
      • vieze smeerlap!
      • vuile smeerlap!

      Kijk, Mira, kijk naar me. Ik doe het. Je wordt bruut verkracht door drie vreemde mannen en ik ruk mij af. Je hebt de gloeiende staven van Benno [...] en van zijn o zo reuze-interessante nepdichtersnepvriendjes in je soppige kut en ik sta erbij te kijken en trek mijn eigen lul af op die geile lullen in jouw geile kut, je geile bek en je geile aars. Gore smeerlap, zegt ze, maar dat zegt ze alleen omdat ze wil dat ik doorga. Kijk naar me als je een ander neukt.

      Rupert, een bekentenis, Ilja Leonard Pfeijffer,

      'En terwijl we bezig waren met dansen kneep hij in m'n kont!' Ze werd bij de herinnering helemaal hysterisch. 'In m'n kont kneep hij!' schreeuwde ze. 'Wel drie keer kneep hij in m'n kont! De vieze vuile zwarte smeerlap!'

      De droogte, Herman Brusselmans,

      Woordfamilie


      Als deel van een afleiding


      • smeerlapje
      • smeerlapperij

      smeerlap 1.2

      (informeel, beledigend)

      iemand die een machtspositie misbruikt om anderen te benadelen of slecht te behandelen; machtsmisbruiker

      Betekenisbetrekking


      specialisering
      Betrokken betekenissen1.0 : 1.2

      Semagram


      Een smeerlap…

      is een persoon

          Algemene voorbeelden


          Je zou eens een maand bij de Gerechtelijke Politie moeten werken. Dan kom je pas in contact met de echte wereld! Daar komt het allemaal samen: het geteisem, het geboefte, het ploertendom dat een dorp, een stad, een land, de wereld in de palm van zijn hand houdt. Daar zie je ze, hoor je ze, ruik je ze vooral, de smeerlappen die ervoor zorgen dat al deze braaf in de pas lopende luitjes zich veel harder moeten uitsloven dan nodig is om het leven te leiden dat ze verdienen.

          Verdwaalde post, Walter van den Broeck,

          Ik heb vijf uur of langer in het politiebureau gezeten en ik verzeker je dat die smeerlappen een mens niet zacht behandelen.

          Mank, Herman Brusselmans,

          Zoals iedereen vergat dat Napoleon een smeerlap was! Dat er door die fucking Napoleon miljoenen mensen stierven.

          Drie theaterteksten, Esther Gerritsen,

          "We gaan hem kapot maken, de smeerlap", schreeuwen arbeiders die de topman alvast een warm onthaal beloven.

          De Standaard,

          De projectontwikkelaar is te vaak de smeerlap met een dikke sigaar.

          De Standaard,

          Woordfamilie


          Als deel van een afleiding


          • smeerlapje
          • smeerlapperij

          smeerlap 2.0

          (informeel, beledigend)

          iemand die dingen doet waardoor hij zijn omgeving vervuilt of die zelf zeer vuil is; vuil persoon; vervuilend persoon; viezerik

          Semagram


          Een smeerlap…

          is een persoon

          • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] heeft een vuil voorkomen; is vaak ongewassen; draagt vaak vuile kleren
          • [Activiteit of handeling] maakt door wat hij doet zijn omgeving vuil

            Algemene voorbeelden


            Ik zat op een gescheurd plastic krukje in een tot restaurant omgebouwde trailer, even buiten Boston en roerde in het achtste kopje koffie van die avond, ik at er ook een vies taartje bij. Naast me zat een smeerlap met een baard. Hij rook naar benzine en had vieze handen. Hij had net mijn auto volgepompt in het benzinestation naast de trailer en was nu even vrij.

            De doosjesvuller en andere vondsten, Janwillem van de Wetering,

            Een jonge bleekneus neemt een laatste haal van zijn sigaret, blaast een grijze wolk de lucht in, snuift enkele malen, knijpt de peuk plat, gooit ze op de grond en plet ze met zijn voet. Leve de sigaret. Voor de aanrazende trein springen moet als een volwaardig alternatief worden beschouwd. Onnozelaars, smeerlappen, stinkers. Het rookcompartiment betreden gebeurt op eigen risico.

            Fumée d'observations, Peter Pauwels,

            Woordfamilie


            Als deel van een afleiding


            • smeerlapje
            • smeerlapperij