zedenmeester


zedenmeester 1.0

iemand die over de goede zeden waakt en meestal ook zijn tijdgenoten, in woord of geschrift, erop wijst aan welke zedenlessen zij zich moeten houden; moralist; met negatieve bijklank ook: iemand die voortdurend, tot vervelens toe zedenlessen predikt, anderen voortdurend hinderlijk bekritiseert met zedenlessen; moraalridder

Semagram


Een zedenmeester…

is een persoon

  • [Activiteit of handeling] waakt over de goede zeden en wijst erop dat men zich aan de zedenlessen moet houden

    Hoofdsemagram: meester


    Algemene voorbeelden


    De personages kijken tegen de feiten aan met de ogen van een zedenmeester maar als puntje bij paaltje komt, handelen ze zelden naar hun woorden.

    De Standaard,

    Bij herhaling heeft Rops benadrukt dat hij geen erotiek om de erotiek maakte. Het zijn ook niet bepaald pornokiekjes uit grootmoeders tijd, die getuigen van de platte obsceniteit van kuise mensen. 'Alles wat de mensen met hun petieterige fysieke begeerte en hun angst voor onuitspreekbare strelingen afschrikt, heeft me reeds vanaf mijn kindertijd eenvoudig, natuurlijk en mooi geleken. Vandaar de haat van de dwazen en die kunst die niemand met mij heeft durven delen.' Want zijn werk stuitte op zedenmeesters.

    Félicien Rops, Marc Schoorl,

    En wat een schrijver aan roem, verering terugkrijgt is ook een soort papiergeld, iets schimmigs. Dit kan zo'n schrijver een gevoel van mislukking bezorgen, van te kort schieten, en wil hij dat gemis vullen door de mensen echt iets te zeggen, door geen schrijver van niet waar gebeurde vertelsels te zijn, geen humorist, geen amuseur, maar een prediker, een profeet, een zedenmeester, een leraar.

    Een dag uit het leven van de reuzenkoeskoes, Karel van het Reve,

    Bij de Reclamecodecommissie (RCC) kwamen een week na de lancering van de commercial honderden klachten binnen. Gebelgde lilliputters, bezorgde ouders en zedenmeesters die een link legden met de moord op Pim Fortuyn: in alle lagen van de bevolking waren de criticasters te vinden, aldus de RCC en Dutchtone.

    Trouw,

    "Jullie got is een valse kuttekwal", staat er op dat bord. Maar de dames en heren van het schijnliberale fatsoen kunnen er niet om lachen. De vreemde, brutale jochies die proestend van het lachen hun zedenkwetsende tekst op het keurig-schoongeboende bord gekalkt hebben behoren tot een wereld die voor hen niet toegankelijk is. Zij bezitten de duivelse kennis, die een onoverbrugbare afstand heeft geschapen tussen de wereld van de volwassene en de wereld van het kind. Daarom delen zij straffen uit. Zoals iedere zedenmeester dat doet.

    http://home.hetnet.nl/~anarchopress/ik/anarcho/anarch01.htm,

    Liberale en socialistische politici, die doodrustig de kinderhatende God van het oude testament verdedigen, kijken op minzame wijze neer op de vreemde man die tegenover hen staat. Zij zijn de zedenmeesters die met een natte spons de 'vieze woordjes' wegvegen die onfatsoenlijke kinderen op het grote schoolbord geschreven hebben.

    http://home.hetnet.nl/~anarchopress/ik/anarcho/anarch01.htm,

    Zich neerleggen was hem van jongsaf vertrouwder dan het zich aangorden tot de strijd dat zijn zedenmeesters hem als het hoogste goed hadden aangeprezen.

    Oprechter trouw, Henk Romijn Meijer,

    Combinatiemogelijkheden


    met adjectief ervoor


    • een digitale zedenmeester
    • een nationale zedenmeester
    • een onverbiddelijke zedenmeester
    • een onvervalste zedenmeester

    Veel andere systemen laten het wel uit hun hoofd om zo reclame te maken voor pornografische beelden. Dat kan namelijk ook tegenacties oproepen van digitale zedenmeesters die in een opperste poging tot censuur de techniek inzetten om dergelijke archieven tot sluiten te dwingen.

    De Internet-sensatie, Francisco van Jole,

    "God gebiedt ons onze naaste te vergeven, maar niet onszelf af te vallen en prijs te geven", vond Saint-Simon, die zijn vijanden er ongenadig van langs gaf. Vreemd genoeg kon de onverbiddelijke zedenmeester het uitstekend vinden met de goddeloze Philippe d'Orléans.

    De Standaard,

    Een van zijn spirituele gesprekspartners is de vroegere politicus en huidige nationale zedenmeester William Bennett, die in boeken, bladen en op televisie waarschuwt voor zedelijk verval en wijst op het belang van het heteroseksuele twee-oudergezin als hoeksteen van de samenleving en remedie tegen alle kwaad.

    http://www.groene.nl/2001/0103/js_bush.html,

    Tot overmaat van ramp ontpopt Paars zich ook nog eens als een onvervalste zedenmeester, die via de geweldchip en de emotionele-intelligentiequotiënt het gezinsleven probeert binnen te dringen om ons tot oppassende burgers te heropvoeden, geheel in de geest van de grote herder Ernst Hirsch Ballin en zijn morele opvoedingspakketten voor de basisschooljeugd.

    http://www.google.nl/search?q=cache:4O3oMPClE0YJ:www.groene.nl/1997/10/rz_stijlpaars.html+gedeconfessionaliseerd=nl=lang_nl,

    met adjectivisch voltooid deelwoord


    • (een lang) vergeten zedenmeester

    Het gaat met schelden trouwens als met de pornografie: toen het niet mocht, zelfs niet van Menno ter Braak en andere lang vergeten zedenmeesters, wier woord te meer gewicht in de schaal legde omdat ze zo ruimdenkend waren, sprak het vanzelf dat de verleiding groot was eens iets te publiceren dat Anton van Duinkerken het wetboek van strafrecht deed opslaan.

    Boze brieven van Bijkaart, W.F. Hermans,

    met voorzetselgroep


    Voorzetsel: van

    • een zedenmeester van iets

    Het super-ego is het deel van de geest dat maatschappelijke waarden en normen representeert. Je zou kunnen zeggen dat het een soort zedenmeester van je persoonlijkheid is.

    http://www.psychologiemagazine.nl/show

    "Ik moest denken aan uw uitzendingen over de Bhagwan-beweging in Nederland." "Daar heb ik nooit spijt van gehad [...]. Wilhelmina Hoedeman, die zelf in Bhagwan was, maakte ze. Ik heb er stevig voor op mijn kop gekregen." Ook door Koot en Bie die er een hilarische persiflage op maakten. U was kwaad, noemde ze de 'zedenmeesters van Nederland'.

    NRC,

    voorafgegaan door als


    (Vaak gezegd van zaken, met name van de overheid, de staat.)
    • als zedenmeester (bekendstaan, functioneren, optreden)

    Woede over die beslissing zou ook wel eens ten grondslag kunnen liggen aan de publicatie in de niet bepaald als zedenmeesters bekendstaande tijdschriften.

    NRC,

    De overheid treedt allang niet meer als zedenmeester op en terecht.

    NRC,

    Amerikanen zien zich zelf graag als representanten van een pragmatische cultuur. Maar zij zijn juist in hoge mate moraliserend. Dit blijkt uit de 'oorlog tegen drugs' (gebruikers worden afgeschilderd als morele zwakkelingen), uit het verbod op prostitutie, het beleid op het gebied van alcohol. De staat wordt als zedenmeester niet alleen aanvaard, maar juist aangemoedigd.

    NRC,

    Die moraal bevat fundamentele inhoudelijke beginselen, zoals het beginsel van menselijke waardigheid, het beginsel van individuele en sociale verantwoordelijkheid, het respect voor leven en lichamelijke en psychische integriteit en voor andermans goed, de beginselen van burgerlijke vrijheid en gelijkheid, de beginselen van redelijkheid en billijkheid en van zorgvuldigheid in het maatschappelijk verkeer, het evenredigheidsbeginsel, allerlei zorgplichten (zowel in privaat- als in publiekrecht), enzovoorts. Door deze andere beginselen zoals gepositiveerd in de rechtsorde, te handhaven treedt de overheid ook steeds als zedenmeester op.

    NRC,

    Is het na de kerk de taak van de overheid de publieke moraal (nieuwe) inhoud te geven, de publieke oordeelsvorming te sturen? Als we de vraag wat pregnanter formuleren (de staat als zedenmeester), luidt het antwoord ontkennend.

    NRC,

    Een beroep op macht en geweld van de staat (een staat die geenszins als zedenmeester mag functioneren) is strijdig met de vrijheid van discussie en polemiek.

    Het weerbarstige woord, Anton Constandse,

    De staat, gecontroleerd door machtsbegerige groepen, is het minst geschikt om op te treden als zedenmeester, het meest geneigd zijn eigen gezag veilig te stellen.

    Het weerbarstige woord, Anton Constandse,

    (Vaak gezegd van zaken, met name van de landelijke of plaatselijke overheid.)
    • geen zedenmeester (zijn)

    Het paarse motto luidt: de overheid is geen zedenmeester. Geen ethiek in de politiek. Daarom is er nauwelijks sprake van sturing, hetzij bij de medisch-ethische vraagstukken omtrent abortus-provocatus en euthanasie, hetzij bij samenlevingsvraagstukken rond het huwelijk, bij genetische manipulatie, of bij prostitutie.

    http://www.e-stem.nl/

    Ik constateer wel het feit dat het Nederlandse volk de vreselijke wegvoeringen niet heeft kunnen voorkomen, en daar zijn ook oorzaken voor - maar ik wil geen zedenmeester zijn over de tijd van toen.

    NRC,

    Hoe kan de politiek bijdragen aan de verbetering van 'sociale verkeersregels en publieke omgangsvormen'? Niet door zelf met nieuwe regels uit te pakken, wel door het gesprek tussen bewoners op gang te brengen: de gemeente is bemiddelaar, geen zedenmeester.

    http://www.knack.be,

    De staat mocht geen zedenmeester zijn, hij moest primair de vrijheid dienen, de vrijheid van het individu, de vrijheid van consumptie en de vrijheid van het initiatief.

    NRC,

    Woordfamilie


    Als deel van een afleiding