vogeltje


vogeltje 1.0

vogel van een soort die uit eerder kleine specimens bestaat, zoals de mussen, de mezen, de merels en dergelijke

Semagram


Een vogeltje…

is een vogel; is een dier

  • [Afmeting] is eerder klein
  • [Waardering] wordt meestal lief en vertederend bevonden; wordt vaak in verband gebracht met toestanden en eigenschappen als hulpeloosheid, weerloosheid, angst, schichtigheid en dergelijke
  • [Betrekking of relatie] behoort tot een soort waarvan de specimina klein zijn, zoals de mussen, de merels, de vinken, de mezen en de kolibri's

    Algemene voorbeelden


    In de tuin rent een kat achter een vogeltje aan.

    De asielzoeker, Arnon Grunberg,

    Achter moest een soort donker geheimzinnig paradijs zijn waar allerhande vogelkooien stonden en waar honderiemen hingen en vangnetten die toen nog niet verboden waren en heel lang geleden ook nog lijmstokken om vogels te verschalken want bij sommige mannen is de begeerte naar een vogeltje bijna zo sterk als de geslachtsdrift, na vijftien jaar huwelijk overtreft ze die zelfs.

    Zoals zand tussen de vingers, Jos Ghysen,

    In mijn boeken ontdekte ik dat het vogeltje een sint-helenafazantje (Estrilda astrild) was, een prachtvink die afkomstig is uit Afrika.

    De Standaard,

    Tussen het riet, in water dat bruin zag door slib, lag een dode kat met donkere staarten die bewogen. 'Het vogeltje eet de worm,' zei mijn vader, 'de kat eet het vogeltje, de paling eet de kat en wat eten wij? En ach, als we de aarde in gaan, smullen de wormen van ons, en dan komt het vogeltje, en dan weer de kat, en ga zo maar door. Dat is allemaal keurig geregeld door de natuur.'

    De gelukkige, Mensje van Keulen,

    Combinatiemogelijkheden


    als subject bij een werkwoord


    • fluiten
    • kwetteren
    • trippelen
    • tjilpen
    • vliegen
    • wippen
    • zingen

    Het vogeltje begon onrustig heen en weer te wippen.

    Het schot, Hilbert Kuik,

    Lekker met mijn lieve sub naar buiten waar de vogeltjes fluiten.

    http://www.amsterwitched.nl/

    Er stonden fietsen en een grote kooi met gele vogeltjes die door elkaar heen kwetterden.

    Morgenster, Jaap Scholten,

    Hier en daar begon een vogeltje op de begraafplaats te zingen, maar verder bleef het stil.

    De verpletterende werkelijkheid en andere verhalen, J.M.A. Biesheuvel,

    Ik had zo nieuwsgierig niet mogen zijn, want met een schril kreetje vloog het vogeltje naar de bedding van de beek en volgde die in de richting van Zandhoven.

    De Standaard,

    Terwijl een vogeltje prachtig tjilpt, gaat één van de verdachten bij ijssalon Boschma op de uitkijk staan.

    Meppeler Courant,

    Verschrikt trippelt het vogeltje naar de andere kant.

    Vertezucht, Jef Aerts,

    als object bij een werkwoord


    • de vogeltjes voeren
    • vogeltjes kijken

    Iedere morgen liepen ze samen de tuin in om de vogeltjes te voeren.

    De Standaard,

    De paden op, de lanen in en vogeltjes kijken, dat kan zondag tijdens de vogelexcursie van de Vereniging Natuurmonumenten.

    Meppeler Courant,

    met adjectief ervoor


    • een dood vogeltje
    • een klein vogeltje
    • een tam vogeltje
    • een tropisch vogeltje
    • een weerloos vogeltje

    Als een poes met een dood vogeltje in haar bek sluipt ze met het resultaat van haar werk door de gangen van het Ibis, de slaapfabriek, de overnachtingsmachine.

    De vrouw die alles had, Kees van Beijnum,

    Die vuile rotzakken schoten kleine vogeltjes dood.

    De Hunnen. Dl. 2: Bevrijding, Jan Cremer,

    'Oe spreekt elemaal zoals oew vader,' en ze begon haar beklag te doen over de agressiviteit van de duiven die onder haar ogen naar de kleine weerloze vogeltjes pikten.

    Alle verhalen, Kristien Hemmerechts,

    Direct werd de aandacht getrokken door de kwetterende tropische vogeltjes, waarvoor men in de beide leslokalen een speciale plaats heeft ingeruimd.

    Meppeler Courant,

    Het bleek niet moeilijk, omdat het puttertje een uitzonderlijk tam vogeltje was, te leren het emmertje uit te werpen in de put onder hem (die hij niet rechtstreeks kon bereiken) en op te halen met behulp van snavel en linkerpoot. Tijdens het ophalen morste hij weliswaar zoveel dat hij, als het emmertje boven was, net genoeg water had om zijn snavel te bevochtigen maar dat hield hem juist in actie.

    Ongewenste zeereis, Maarten ’t Hart,

    met adjectivisch tegenwoordig deelwoord


    • kwetterende vogeltjes

    De stiltelopers houden van de innerlijke rust onderweg, het geluid van de natuur (kwetterende vogeltjes en zo), het lopen geeft hen ergens een soort van rust waar ze naar op zoek zijn.

    http://onehappyjogger.com/2012/11/12/muziekloper-of-stilteloper/

    met voorzetselgroep


    Voorzetsel: in

    • een vogeltje in een kooitje

    Een bos bloemen, een taart, een fles lekkers, een boek, een ketting, een parfummetje, een kanten broekje, een vogeltje in een kooitje - een doos glazen balletjes, de kleinste die verkrijgbaar zijn.

    Zonsopgangen boven zee, Jeroen Brouwers,

    voorafgegaan door als


    • als een bang vogeltje
    • als een verdrietig vogeltje
    • als een verschrikt vogeltje
    • als een ziek vogeltje

    Ze sloeg haar arm om hem heen en voelde hoe hij zich tegen haar aanschurkte als een verschrikt vogeltje.

    Oud zeer, Mieke Gossaert-Verschuere,

    Ik wil niet als een verdrietig vogeltje in een hoekje zitten.

    De Telegraaf,

    Het ene moment hield ze zich als een ziek vogeltje in Ortwins huis schuil, het volgende stond ze in een studio en deed wat ze haar leven lang had gedaan: ze bedacht verhaaltjes en situaties die kinderen grappig vonden.

    De kinderen van Arthur, Kristien Hemmerechts,

    Vaste verbindingen


    naar het vogeltje kijken


    1. (Vooral in taalgebruik tegenover kinderen.)
      naar de lens kijken bij het poseren voor een foto

      Er was het geheel, het in een rechthoek gevatte koppel, dat zo ongedwongen poseerde alsof het niet eens wist dat het gefotografeerd werd. Alsof het in die rechthoek woonde, zoals gisteren de familie March op het witte doek van cinema De Vrede. 'Naar het vogeltje kijken!' riep ik. En toen glimlachten ze allebei hun tanden bloot en keken, Cacao naar het vogeltje dat uit de lens moest komen, en Martha naar het mijne dat zich nu wel erg hard tegen zijn opsluiting verzette.

      Een lichtgevoelige jongen, Walter van den Broeck,

    drinken als een vogeltje


    1. heel weinig en met kleine slokjes drinken

      Ze dronk als een vogeltje, met slokjes niet groter dan druppels en met knikkend hoofd, wippend op de rand van haar stoel.

      De tandeloze tijd. Dl. 1: Vallende ouders, A.F.Th. van der Heijden,

    eten als een vogeltje


    1. veel te weinig, met tegenzin en met kleine hapjes eten

      Hij dronk met kleine teugen, terwijl ze zijn hoofd ondersteunde, en hij at kleine hapjes brood, waar ze zijn geliefkoosde kersenjam op smeerde. 'Je eet als een vogeltje ,' zei ze. 'Je moet je krachten terugkrijgen.'

      Vliegen in een spinnenweb, Fernand Auwera,

    daar zat een sneeuwwit vogeltje


    1. eerste regel van een bekend volksliedje

      De reine kwart is de omkering van de reine kwint; de frequentieverhouding van de tonen is 3:4. Herkenmelodie: stijgend: "Daar zat 'n sneeuwwit vogeltje...", "Des winters als het regent...", "Zie ginds komt de stoomboot"; dalend: "Old Mac Donald had a farm...".

      http://users.pandora.be/dirk.viaene/muziekth.htm

      Ik liep buiten in de tuin om te wateren en terwijl ik naar de maan straalde zong ik uit volle borst. Er zat een sneeuwwit vogeltje, al op een stekedoorntje... Bert kreunde van het lachen en zei dat hij dat tafereel van pissen en zingen naar de maan nooit zou vergeten.

      Een burgerlijke vakantie in het zuiden, Piet Sterckx,

    Spreekwoorden


    ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is


      Zie: ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is

    in mei leggen alle vogeltjes een ei


      Zie: in mei leggen alle vogels een ei

    vogeltjes die vroeg zingen, zijn voor de poes


      Zie: vogeltjes die vroeg zingen, zijn voor de poes

    Woordfamilie


    Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen


    vogeltje 1.1

    voorstelling van een vogeltje in een schilderij, een tekening, een logo of als beeldje of sieraad

    Betekenisbetrekking


    metonymie
    Betrokken betekenissen1.0 : 1.1

    Semagram


    Een vogeltje…

    is een voorstelling

        Algemene voorbeelden


        Het kleurige vogeltje dat als handvatsel diende, bleef boven het snoer steken.

        Franklin, Thomas Lieske,

        Het was blijkbaar niet de eerste onderscheiding die haar ten deel viel, want er zaten al een gouden veer, een zilveren vogeltje en een blikkende ster op haar schouders.

        Twee vorstinnen en een vorst, R.J. Peskens,

        In oktober 1985 werd tijdens het veertigjarig jubileumcongres van de Diabetesvereniging Nederland de kolibrie officieel erkend als internationaal symbool voor het wetenschappelijk onderzoek rond diabetes. Het vogeltje is nu ook terug te vinden in het logo van de International Diabetes Foundation (IDF).

        http://www.diabetesfonds.nl/

        Uit de grond van haar hart vervloekte Matka vooral de houten vogeltjes die jubelend de tijd aangaven.

        De Hunnen. Dl. 2: Bevrijding, Jan Cremer,

        Woordfamilie


        Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen


        • vogeltjesmotief

        vogeltje 1.2

        diersoort uit de klasse der vogels, waarvan de specimens eerder klein zijn

        Betekenisbetrekking


        metonymie
        Betrokken betekenissen1.0 : 1.2

        Semagram


        Een vogel…

        is een diersoort

            Algemene voorbeelden


            Er zijn meer dan 500 soorten van dit vogeltje bekend, in grootte variërend van een hommel tot een zwaluw.

            http://www.diabetesfonds.nl/

            vogeltje 2.0

            jonge vogel die nog in het nest zit; vogeljong

            Semagram


            Een vogeltje…

            is een vogel; is een dier

            • [Deel] is meestal nog bedekt met dons; heeft vaak nog geen veren
            • [Plaats] verblijft nog in het nest
            • [Leeftijd] is nog jong en onvolgroeid
            • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] is nog hulpbehoevend en afhankelijk van de oudervogels

            Algemene voorbeelden


            "Hanna was net een vogeltje dat uit een nest was gevallen", zegt Pegge Lynn, wier lijdensweg begon op 7 november, toen haar gynaecoloog bij een routinecontrole vaststelde dat ze weeën had.

            De Standaard,

            Praat in termen van een verhuizing, of over een vogeltje dat uit het ei komt.

            http://www.stervensbegeleiding.nl/boek/index.html,

            Combinatiemogelijkheden


            met adjectief ervoor


            • een jong vogeltje
            • een pasgeboren vogeltje

            De opvolging van de verschillende stadia van een broedsel tot op het ogenblik dat de jonge vogeltjes uitvliegen, is een aangename en leerzame bezigheid.

            http://www.vogelbescherming.be/nl/dossierkast/nestkasten/default.htm

            Hij stond in de deuropening, klein en pluizig als een pasgeboren vogeltje.

            Alle vogels van de wereld, Daphne Buter,

            met substantief ervoor


            • een nest jonge vogeltjes

            Wanneer je echter ziet dat een nest jonge vogeltjes de nestkast met succes verlaat, mag je gerust diezelfde dag nog de kast reinigen.

            http://www.vogelbescherming.be/nl/dossierkast/nestkasten/default.htm

            vogeltje 3.0

            iemand die weerloos, hulpbehoevend, schichtig, bang of tenger is als een vogeltje
            Meestal met een attributief adjectief dat de eigenschap noemt waardoor iemand op een vogeltje lijkt.

            Betekenisbetrekking


            metafoor
            Betrokken betekenissen1.0 : 3.0
            Betrokken betekenissen2.0 : 3.0

            Semagram


            Een vogeltje…

            is een persoon

            • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] is zwak, hulpbehoevend, weerloos, schichtig, bang of tenger als een vogeltje

              Combinatiemogelijkheden


              met adjectief ervoor


              • een bang
              • een klein
              • een kwetsbaar
              • een mager

              Hij kwam twee maanden te vroeg, in een stuitligging en hij was een mager klein vogeltje.

              Anna, Hanna en Johanna, Marianne Fredriksson,

              Karin Kusters omschrijft Laura als een bang vogeltje: "Ze durfde niets, was heel onzeker."

              De Limburger,

              Jessy is altijd een kwetsbaar vogeltje geweest.

              De groene leeuw, Herman Vos,

              met adjectivisch voltooid deelwoord


              • een geknakt vogeltje

              Ze wilde geen geknakt vogeltje worden, ze wilde leven.

              De Telegraaf,