schalk


schalk 1.0

(verouderend)

iemand die op grappige, charmante wijze plagerig en ondeugend is

Semagram


Een schalk…

is een persoon

  • [Gedrag] gedraagt zich op grappige, charmante wijze plagerig en ondeugend

    Algemene voorbeelden


    Het heeft mij slapeloze nachten gekost voor ik toegaf aan de diepe klank van te korte benen, het zo nabije fysiek van puisten, de ontegenzeggelijke charme van een hangbuik [...]. Hier is geen rust voor de rechtvaardige, mogelijk zie ik fijne nuancen over het hoofd, mogelijk speelt de werkelijkheid haar grimmig spel, een schalk is tenslotte nog geen vlerk. Misschien schuilt er een nog niet voldoend onderzochte betovering in deze mankementen.

    Gesprekken in huizen aan zee, Willem Brakman,

    Combinatiemogelijkheden


    met adjectief ervoor


    • een charmante schalk
    • een vrolijke schalk

    Door die belastingen werden handel, nijverheid en landbouw geschaad en steeds meer mensen begonnen in te zien dat het maar eens uit moest zijn, vooral de mensen die zich verenigd hadden in de Blauwe of Vrijheidspartij, onder leiding van Fred Knijpels, een "nog wat onstuimige, maar bekwame, heel vrolijke en charmante schalk uit het Zuiden des lands, die de meisjes graag in de wangen kneep ou plus bas si bon te semble."

    Requiem voor een vriend, J.J. Voskuil,