knapperd


knapperd 1.0

iemand die knap is; iemand met veel kennis

Semagram


Een knapperd…

is een persoon

  • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] is knap; wordt knap gevonden; heeft veel kennis

    Algemene voorbeelden


    Om zinvol van Teletekst gebruik te maken, moet je de leesplank beheersen. Er is dus jammer genoeg enige voorkennis vereist, wat eigenlijk een beetje tegen de beginselverklaring van de VTM indruist, maar soit. Teneinde ons wegwijs te maken, deed men een beroep op twee knapperds van eigen kweek: Anne de Baetzelier en Dany Verstraeten.

    Dwarskijker, Rudy Vandendaele,

    Woordfamilie


    Als deel van een afleiding


    • knapperdje

    knapperd 2.0

    iemand die knap is; iemand met een mooi uiterlijk

    Semagram


    Een knapperd…

    is een persoon

    • [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] is knap; wordt knap gevonden; heeft een mooi uiterlijk

      Algemene voorbeelden


      Gwapo was het enige woord dat elke toerist kende. Het betekende knapperd, en de meisjes van het strand begroetten elke westerling met dat woord, ook al ging het om een verrimpelde, tandeloze zeventiger.

      De antropoloog die geen mensen wilde bestuderen, Peter Mondalo Diaz,

      Woordfamilie


      Als deel van een afleiding


      • knapperdje